woensdag 23 januari 2019

De burger staat er buiten en kijkt toe


De overheid onderhoudt een soort heimelijk relatie met de geprivatiseerde dienstverlenende sector, in het bijzonder bij gezondheidzorg, onderwijs en jeugdzorg.
De overheid garandeert de toegelaten organisaties exclusiviteit op de markt (er is geen markt) en financiering. Maar formeel draagt de overheid geen verantwoordelijkheid voor deze organisaties. Die hebben hun eigen bestuur. Deze constructie houdt in, dat er op de (vroeg, publieke) dienstverlenende sector geen democratische controle wordt uitgeoefend door de burger. Die staat er buiten en kijkt toe, als hij zijn belastinggeld aan de overheid afdraagt, die het vervolgens naar de dienstensector overhevelt.

Bij deze organisaties dragen de zittende bestuurders nieuwe bestuurders voor, zonder enige democratische controle (door de burger). Daaronder bevinden zich dan ook veel politici, gewezen kabinetsleden en mensen die heel dicht bij de een of andere politiek partij staan. Uiteraard, de enorme winsten, die deze organisaties maken (miljarden) houden zij voor zichzelf, dat wil zeggen, geven zij aan de aandeelhouders van de verzekeringsmaatschappijen en banken (betrokken bij de gezondheidszorg) en aan de honderden managers en bestuurders, die enorm hoge salarissen verdienen en fantastische secondaire arbeidsvoorwaarden hebben.

De regeringen ontdoen zich van de inhoudelijk verantwoordelijkheid voor de dienstensector (al wil de burger dat niet), komen hun verantwoordelijkheid na door een besloten privé dienstensector te creëren met miljarden belastinggeld en zorgen er voor dat politici ook prima betaalde bestuurders kunnen zijn. De burger staat er buiten en kijkt toe.
De besturen en directies van deze honderden organisaties, met vele duizenden medewerkers, zijn landelijk georganiseerd en vormen zeer machtige en invloedrijke overkoepelende organisaties. Zij lobbyen intensief bij de media, de universiteiten en de politieke partijen en staan buiten enige democratische controle.

Bij jeugdzorg wordt de rechterlijke macht intensief betrokken. De rechters, die niet bij ‘het volk’ wonen of daar grootgebracht zijn, worden door de regeringen (lees, politieke partijen) gekozen en benoemd voor het leven. De burger staat ook hier volledig buiten spel.
Door privatisering, uitgevoerde door de politieke partijen en overheid, is de burger het recht ontnomen democratische controle uit te oefenen op de (geprivatiseerde) dienstverlenende organisaties zoals het hele onderwijs, gezondheidzorg en jeugdzorg.
In de machtige kringen zorgen de welgestelde en invloedrijke burgers erg goed
voor zichzelf.


31.335 Views

donderdag 13 december 2018

Te vondeling gelegd



Op zondag 26 november 2017 is een kind van drie jaar gevonden op het CS in Amsterdam. Moeder is te zien op videobewakingsbeelden en werd enkele dagen later op straat aangehouden. Zij blijkt een Marokkaanse emigrante/vluchtelinge te zijn. Moeder is gevangen gezet en een jaar later deed de rechtbank uitspraak, op 29 oktober 2018.
Journalisten van alle kranten nemen de tekst uit de Telegraaf over. Geen enkele journalist voegt enig commentaar toe of stelt vragen over de gang van zaken, laat staan formuleert kritische opmerkingen over hoe een vluchtelinge met een driejarig kind benaderd en behandeld wordt. Dat is heel opmerkelijk. Een emigrante/vluchtelinge in de gevangenis, haar kind al een jaar ergens geplaatst, mogelijk definitief bij moeder weggehaald. Er wordt ook geen bewondering, respect of mededogen getoond voor een alleenstaande moeder, een emigrante die op vlucht is, die niets heeft in den vreemde en niets kan geven aan haar zoon. Geen eten, geen onderdak, geen gezondheidszorg.  Zij verklaart, dat haar niets anders overbleef dan haar zoon alleen achter te laten (te vondeling te leggen), wetend dat wanneer hij gevonden zou worden, er voor hem gezorgd zou worden. Dat verklaarde zij aan de politie.
De verslaggeving, de rol van justitie en van de kinderbescherming is meedogenloos. Zware armoede en diepe sociaal ellende worden (zwaar) bestraft. Moeder moet 79 dagen naar de gevangenis, waarvan 60 voorwaardelijk. Het kind werd bij haar wegenomen en in pleegzorg geplaatst.
Waarom moeder en kind niet bij elkaar werden gezet en geholpen, wat de meest humane en verantwoorde daad zou zijn, wordt niet gevraagd of verteld. Doet president Trump niet precies hetzelfde aan de grens met Mexico? Dat is wel dat door alle pers, experts en politici immoreel en onverantwoord genoemd. Wat president Trump doet, denigreren en verdacht maken, wordt ook deze moeder en kind niet bespaard. Zo is te lezen dat moeder depressief en zwakbegaafd is en haar zoon autistisch. Vluchtelingen/emigranten, een kind en een moeder, zonder enige bestaansmiddelen, die bloot gesteld zijn aan zwaar traumatiserende situaties en die zich bevinden in een onvriendelijke omgeving, zijn niet per definitie autistisch en zwakbegaafd, zoals mensen die dergelijke dingen beweren, niet per definitie aan een asociale persoonlijkheidsstoornis lijden. Stel dat president Trump alle immigrante moeders zou screenen op zwakbegaafdheid om wanneer zijn psychologen dat zouden bevestigen, de kinderen bij hun moeders weg te halen!

Wat had gedaan moeten worden?
Het uitgangspunt is dat het kind maximale bescherming en hulp krijgt en daarbij hoort dat het zo snel mogelijk herenigd wordt met zijn moeder. Zij krijgt alle nodige middelen om voor haar kind te kunnen zorgen. De kinderrechter ontvangt documenten (*) waarin concrete informatie staat over de setting, de aanpak en de mensen die het kind voorlopig gaan opvangen (crisisopvang).

A.Crisispleeggezin
Tot moeder gevonden wordt, zou het kind aan een crisispleeggezin toevertrouwd moeten worden, dat aan een aantal voorwaarden moet voldoen, te weten:

1.Een stabiel, goed georganiseerd, middenklasse gezin met twee kinderen, een van ongeveer dezelfde leeftijd als het te vondeling gelegde kind. Het andere kind is ouder.
2.Een warm, sensitief gezin dat met kinderen praat en speelt, voorleest en knuffelt. Een gezin dat ook ruimte geeft aan kinderen om tot rust te komen en zichzelf te zijn.
3.Er wordt met de twee kinderen van het gezin besproken dat er een te vondeling gelegd kind komt logeren, dat door het gezin geholpen zal worden om op krachten te komen en zich beter te voelen tot zijn mama gevonden wordt. Het verzoek is om vriendelijk en niet opdringerig om te gaan met het kind.
4.Moeder blijft thuis de komende 7 tot 14 dagen om het te vondeling gelegde kind niet alleen te laten en hem permanent te kunnen verzorgen, te ondersteunen en toezicht te houden.
5.Er wordt met het kind gespeeld, getekend en samen kindertekenfilms gekeken.
6.Het kind slaapt in een eigen bed, in de kamer bij de andere twee kinderen.
7.Het gezin is bereid te overleggen met de kinderarts en de kinderpsycholoog, die toezicht houden op het kind.
8.Het kind wordt op een zachtaardige, rustige manier geïnstrueerd over wat van hem wordt verwacht. Dat gebeurt door voordoen en samen doen. Het gaat dan om hygiëne, eten en drinken, opruimen, aankleden en uitkleden, spelen, etc.
9.Ouders beschikken over informatie over het effect van traumabeleving bij kleine kinderen en kunnen zich inleven in zijn verhaal en belevingen.

B.Vertrouwenskinderarts en -kinderpsycholoog
1.Het kind krijgt binnen vier uur een vertrouwenskinderarts en -kinderpsycholoog (**) toegewezen, die hem gaan ondersteunen en permanent, om de beurt, beschikbaar zijn, ook voor het crisispleeggezin.
2.Het kind wordt binnen 8 uur door de kinderarts onderzocht en door de psycholoog geobserveerd.
3.De psycholoog observeert het kind twee uur per dag, de komende 14 dagen en laat zich informeren door de pleegouders. Hij adviseert de pleegouders over hoe zij het kind kunnen benaderen en activiteiten met de andere kinderen kunnen laten doen.

C.Kind en moeder herenigd
1.Wanneer moeder gevonden is, wordt zij onmiddellijk herenigd met haar kind om voor hem te kunnen zorgen.
2.Als tijdelijke verblijfplaats verdient de voorkeur het huis van het pleeggezin, als daar een extra kamer vrij is voor moeder en kind. Een (slechter) alternatief is, voor enkele weken, beschermd wonen bij een instelling, indien vriendelijke en sensitieve ondersteuning aanwezig is, 24 uur per dag.
3.Moeder wordt binnen 24 uur medisch onderzocht door een arts en krijgt een psycholoog toegewezen, het liefst dezelfde als haar zoon, die haar gaat ondersteunen, helpen en indien nodig behandelen.
4.Kind en moeder worden intensief ondersteund, niet dwangmatig of tegen hun wil. De bedoeling is, in eerste instantie, het versterken van het zich goed voelen door weer samen en veilig te zijn. Kind en moeder hebben elkaar ook hard nodig om hun traumatische belevingen te kunnen verwerken.
5.Moeder wordt aangeboden wat zij en haar kind nodig hebben voor hun onderhoud.

(*) Kinderrechters krijgen geen informatie, en vragen daar ook niet om, over door wie en wat het kind wordt aangeboden. Deze informatie zou concreet en uitgebreid moeten zijn om de kinderrechter de mogelijkheid te geven te kunnen vaststellen wat het beste is voor het kind. Bijvoorbeeld, uithuisplaatsing of toch beter bij de ouders blijven? Zie hierover: Theo Liebmann, What’s Missing From Foster Care Reform? The Need for Comprehensive, Realistic, and Compassionate Removal Standards,28 Hamline J Pub L Poly 141 (2006)

(**) Het statuut van de vertrouwenskinderarts en –kinderpsycholoog als ook die van onafhankelijk psycholoog/psychiater is gecorrumpeerd. Vaak blijkt, dat deze persoon de belangen en opvattingen van zijn werkgever of institutionele opdrachtgever voorop stelt in plaats van die van de burger of het kind, die hem vertrouwen en steun van hem verwachten.



30.951 Views